23/01/2023
Cito begrijpend lezen: een stappenplan
Bij Cito begrijpend lezen krijgt je kind een tekst voorgeschoteld, waar hij vervolgens vragen over moet beantwoorden. Het is de bedoeling dat je kind niet alleen de tekst, maar ook de vragen en de bijbehorende antwoorden goed leest. Ook zal hij stukken van de tekst opnieuw moeten lezen om antwoord te vinden op de vragen. Vaak lijken 2 antwoorden op elkaar en moet je kind kiezen voor het beste (meest complete) antwoord.
Voor veel kinderen is dit een enorme opgave, omdat ze er het geduld niet voor hebben of, bij toetsen, last hebben van tijdsdruk.
Ze lezen de tekst dan oppervlakkig, lezen de vraag niet goed of proberen het antwoord uit hun geheugen te halen. Sommige kinderen kiezen gewoon het antwoord dat hun het meest logisch lijkt. Met name beelddenkers maken er vaak hun eigen verhaal van.
Het toetsresultaat zegt dan niet zoveel over hun begrip van de tekst, maar meer over hun taakaanpak. Je ziet die taakaanpak dan ook bij andere vakken terug. Het gaat om de kinderen die geen spellingsregels of werkwoordschema toepassen, bij ontleden geen gebruik maken van de hulpvragen en bij verhaalsommen uitvallen omdat ze de opgave niet goed lezen, maar gelijk aan het rekenen slaan.
Kinderen kunnen hun aandacht beter bij de tekst houden met een vraag in hun achterhoofd (doelgericht lezen). Van dat gegeven kun je gebruikmaken. De vragen bij een toets staan meestal in de volgorde van de tekst. Het stappenplannetje voor deze kinderen wordt dan:
• Lees alle vragen: zo kom je erachter wat belangrijk is in de tekst en weet je al een beetje wat je kunt verwachten. Dat helpt om de aandacht erbij te houden.
• Lees de hele tekst snel door met die vragen in je achterhoofd.
• Lees de eerste vraag en herhaal hem in je eigen woorden, zodat je goed weet waar je naar zoekt.
• Lees de tekst totdat je een antwoord op de vraag gevonden hebt (vanaf het begin, dus niet alleen de zin waar de vraag over gaat). Zoek het antwoord dat het beste past.
• Lees de volgende vraag, enzovoort.
De laatste vragen zijn vaak vragen die over de hele tekst gaan. Zo wordt er bijvoorbeeld gevraagd wat de schrijver met de tekst duidelijk wil maken, wat zijn mening is of hoe het verhaal verder zal gaan. Op dat moment is het goed om de hele tekst nog eens te lezen, met deze vraag in het achterhoofd.
Bovenstaand stappenplan is ook geschikt voor kinderen met een concentratieprobleem, de zwakke en dyslectische lezers en kinderen met een slecht werkend kortetermijngeheugen.
De laatste twee groepen hebben vaak moeite om verbanden te leggen, omdat ze aan het eind van de alinea kwijt zijn wat er in het begin stond. Lezen met een vraag in het achterhoofd helpt ze om de aandacht erbij te houden en de informatie in hun hoofd te ordenen tijdens het lezen.