26/08/2026
Een heilige relatie
Potverdorie… wat kan het mij soms ineens overdonderen. Ik hoorde de voordeur dichtgaan. Zij ging waarschijnlijk even naar buiten met het hondje. En terwijl ik daar stond, gebeurde er iets wat me zomaar overspoelde. Dankbaarheid. Niet een klein beetje, maar zo’n diepe, warme stroom die door mijn lijf en hoofd trok. Dankbaarheid voor haar. Voor ons. Voor alles wat er tussen ons is geweest en nog steeds mag zijn.
We zeggen meestal dat we elkaar nu zo’n twee jaar kennen. Maar als ik eerlijk ben, weet ik het niet eens meer precies. Misschien zijn het er wel elf. Onze eerste ontmoeting was op het Lorelei vrouwenfestival. En als ik terugkijk, lijkt het alsof we in die tijd verschillende levens hebben afgelegd. Het heeft gevlamd en gefikt. Het is soms ijzig geweest. Er zijn momenten geweest waarop we elkaar waarschijnlijk liever even niet hadden aangekeken. En toch zijn we gebleven.
We kunnen schuren. Soms zelfs alsof we al veertig jaar samen zijn. Maar misschien is juist dat schuren wel een van de mooiste dingen die een relatie kan brengen. Want waar het schuurt, ontstaat uiteindelijk g***s. Waar de splinters zichtbaar worden, kunnen ze verdwijnen. Waar iets pijn doet, wordt iets aangeraakt wat gezien wil worden. En dat is misschien wel wat ik zo bijzonder vind aan ons. We zijn niet alleen elkaars vriendinnen, mede-ondernemers en metgezellen. We zijn ook spiegels. Soms zijn we voor elkaar de meest liefdevolle spiegel die er bestaat. En soms is die spiegel ronduit confronterend.
Dat is ook wat ik in familie opstellingen zo vaak zie. Een relatie raakt zelden alleen maar aan wat er tussen twee mensen gebeurt. We nemen onze geschiedenis mee. Onze ouders, onze kinderen, onze eerdere verbindingen, onze loyaliteiten, onze overtuigingen en soms zelfs lasten die helemaal niet van onszelf zijn. Het systeem spreekt mee. En soms staat er ineens iets tussen twee mensen in waarvan je denkt: waar komt dit toch vandaan? Dan blijkt het niet eens alleen over vandaag te gaan.
Misschien is dat ook waarom een relatie soms zo veilig kan voelen en op een ander moment ongelooflijk onveilig. Niet omdat de liefde verdwenen is, maar juist omdat nabijheid zoveel zichtbaar maakt. Een bijzondere oefening die wij daarin gebruiken is de Buddha to Buddha-oefening. Een eenvoudige, maar soms wonderlijk diepe manier om weer bij jezelf te komen. Je spreekt uit wat jij voelt, wat jij verlangt, wat er in jou leeft. En de ander hoeft daar helemaal niets mee. Geen oplossing. Geen verdediging. Geen reactie. Geen maar ik bedoelde het anders. Alleen luisteren.
Het mooie is dat je daarmee de verantwoordelijkheid voor je eigen binnenwereld weer terugneemt. En soms gebeurt er iets bijzonders: terwijl de één zijn of haar proces doorloopt, begint ook bij de ander iets te bewegen. Niet omdat je de ander hebt veranderd, maar omdat je jezelf weer bent gaan ontmoeten.
Misschien is dat wel een van de grote lessen van een heilige relatie. In Een Cursus in Wonderen wordt gesproken over speciale relaties en heilige relaties. De speciale relatie zoekt vaak iets buiten zichzelf. Bevestiging, veiligheid, erkenning, liefde, gelijk krijgen. Alsof de ander iets moet geven waardoor ik compleet word. De heilige relatie begint ergens anders. Daar wordt de ander niet langer gebruikt om mijn leegte te vullen, maar wordt onze ontmoeting een plek waarin we samen mogen leren. Waarin we mogen zien wat nog niet vrij is. Waarin we elkaar niet hoeven te redden, maar elkaar wel mogen herinneren aan wie we werkelijk zijn.
En misschien is dat precies wat ik steeds meer begin te begrijpen. Een heilige relatie is niet per se een relatie waarin nooit meer wordt geschuurd. Misschien is het juist een relatie waarin we bereid zijn om het schuren aan te kijken. Om niet weg te lopen zodra het moeilijk wordt. Om niet de ander verantwoordelijk te maken voor wat er in onszelf geraakt wordt. Om soms te zeggen: dit gaat eigenlijk over mij. En soms ook heel eenvoudig: ik weet het even niet.
Dat vraagt moed. Want hoe gemakkelijk is het om in een relatie te denken dat de ander moet veranderen? Hoe verleidelijk om te denken dat het leven gemakkelijker zou zijn als die ander maar net iets anders zou reageren, voelen, praten of doen. En toch ligt daar steeds weer die prachtige uitnodiging: Kijk naar binnen. Niet om jezelf te veroordelen, maar om jezelf te ontmoeten. En daar, precies daar, ontstaat vrijheid.
Als ik naar Yvonne kijk, zie ik hoeveel we samen hebben afgelegd. Niet alleen in ons privéleven, maar ook in Veelgoeds. Zij als mijn mede-ondernemer, mijn metgezel onder hetzelfde dak, mijn spiegel, mijn soms irritante spiegel, mijn zachte spiegel, mijn rake spiegel. Zonder haar zou ik niet staan waar ik nu sta. Dat weet ik.
En daarom wil ik vandaag een diepe buiging voor haar maken. En eigenlijk tegelijkertijd voor mezelf. Want ook dat is onderdeel van een heilige relatie: erkennen wat we samen hebben opgebouwd én erkennen wat het mij heeft gekost, wat het mij heeft geleerd en wat ik zelf heb mogen dragen.
Een buiging voor haar. Een buiging voor mij. Voor alle keren dat we elkaar vonden. Voor alle keren dat we elkaar even kwijt waren. Voor de vlammen. Voor het ijs. Voor het schuren. Voor de g***s die daardoor ontstond. Voor de splinters die langzaam mochten verdwijnen. En voor de liefde die niet altijd zacht is, maar wel echt.
Misschien is dat wel waar ik vandaag zo dankbaar voor ben. Dat ik niet hoef te geloven dat liefde betekent dat alles altijd gemakkelijk moet zijn. Dat liefde ook kan betekenen dat twee mensen bereid zijn om elkaar werkelijk te ontmoeten. Steeds opnieuw. Met alles wat er is.
En misschien was dat wat er gebeurde toen ik die voordeur hoorde dichtvallen. Heel even stond alles stil. En wist ik het weer.
Potverdorie… wat bof ik toch.
Met haar. Met ons. En met het wonderlijke, soms ondoorgrondelijke pad waarop we elkaar zijn tegengekomen.
Een heilige relatie. Niet omdat we het goed doen. Maar omdat we bereid zijn haar aan te gaan.