23/11/2024
De woordenschat van jonge kinderen blijkt na de coronaperiode kleiner dan de woordenschat van hun leeftijdgenoten vóór de coronaperiode. De belangrijkste bevindingen van een recent onderzoek zijn verzameld in een factsheet. Lees er hier meer over:https://www.uu.nl/sites/default/files/Factsheet%20Covid%20Utrecht.pdf
Ouders wordt aangeraden om te reageren op de signalen van hun jonge kind, zoals wijzen en brabbelen. Het benoemen van wat het kind ziet of het vertalen van geluidjes kan ervoor zorgen dat het kind zich veilig en begrepen voelt. Dit ondersteunt de vroege taalontwikkeling. Door veel tegen het kind te praten, voor te lezen of samen activiteiten te ondernemen, zoals spelen of koken, wordt de woordenschat en taalvaardigheid verder gestimuleerd.
Ook wordt ouders geadviseerd om emoties met hun kind te bespreken. Het is belangrijk om te vragen hoe het kind zich voelt en gevoelens van anderen te benoemen. Bij negatieve emoties helpt het om het kind te troosten en deze emoties openlijk te bespreken, in plaats van ze te negeren of te bestraffen. Dit draagt bij aan een gezonde sociaal-emotionele ontwikkeling.
Kindgerichte spraak, met een hoger stemmetje, blijkt positief te zijn voor de taalontwikkeling, omdat kinderen er graag naar luisteren en ervan leren. Ouders die niet vloeiend Nederlands spreken, kunnen hun moedertaal blijven gebruiken. Een sterke basis in de thuistaal blijkt een waardevolle ondersteuning te bieden bij het leren van de schooltaal.