23/12/2014
Na maandenlang onderhandelen zijn D66 en GroenLinks tot een akkoord gekomen over de hervorming van de studiefinanciering en de invoering van een leenstelsel. Per 1 september 2015 zullen deze veranderingen ingevoerd worden. Vanaf dat moment verdwijnt de basisbeurs voor nieuwe bachelor- en masterstudenten.
1) WAT IS DE GROOTSTE VERANDERING?
De grootste verandering is, dat er niet langer een basisbeurs is voor alle studenten. Voorheen kregen studenten een maandelijks bedrag op hun rekening wat bij afstuderen een gift werd. Dit gaat weg en de studenten moeten geld lenen. Als hun ouders niet veel geld verdienen, krijgen ze wel een aanvullende beurs.
Er zijn in ieder geval twee dingen die blijven zoals ze nu zijn: studenten krijgen een ov-studentenkaart om gratis met het openbaar vervoer te kunnen reizen en het collegegeld blijft gelijk. Iedereen die ging studeren kreeg altijd een basisbeurs, een voorlopige lening van de overheid die werd omgezet in een gift als het diploma binnen 10 jaar behaald werd. Het was ongeveer een maandelijks bedrag van 100,25 euro voor studenten die thuis wonen en 279,14 euro voor studenten die uit huis wonen, voor 4 jaar lang. Als een student hier niet genoeg aan had, kon er eventueel bij geleend worden. Dit veranderd echter in een studievoorschot. Als ouders minder dan 46.000 euro per jaar verdienen, krijgen studenten nog wel een aanvullende beurs. Dit kan, als ouders minder dan 30.000 euro per jaar verdienen, oplopen tot 365 euro per maand. Dit is zelfs 100 euro meer dan nu met de basisbeurs zou kunnen. Naarmate de ouders meer verdienen, loopt dit bedrag terug. Deze beurs is er ook voor studenten waarvan de ouders weigeren te betalen of onvindbaar zijn.
Als ouders meer dan 46.000 euro per jaar verdienen, hebben studenten geen recht op een aanvullende beurs. Dat houdt in dat studenten geld lenen om hun studie te betalen. Wel zijn de voorwaarden van het terugbetalen van een lening versoepeld. De studenten mogen er 35 jaar i.p.v. 15 jaar over doen om die schuld af te betalen.