21/08/2025
77. OROPHERNES naar Aanhangsel
Hij die op het vierdrachmestuk
de gratie achterliet van zij mooie jeugd,
een licht van zijn poëtische schoonheid
een stijlvolle herinnering aan een Ionische jongen.
Dat is Orofernes, Ariarathos’ zoon.
Als kind stuurden ze hem weg uit Cappadocië
uit het grote vaderspaleis
stuurden hem om op te groeien
naar Ionië om bij vreemden vergeten te worden.
O wonderbaarlijke nachten van Ionië
waarin hij onbevreesd, en volkomen Grieks,
het volle genot leerde kennen.
In zijn hart altijd een Aziaat;
maar in zijn manieren en spraak Helleen
getooid met pruiken, Griekse kledij,
zijn lijf geurend van mirre en jasmijn,
en van de mooiste Ionische jongens
hij de mooiste, de meest ideale.
Verder, toen de Syriërs in Cappadocië
kwamen en hem koning maakten,
stortte hij zich op het koningschap
om nu opnieuw weer elke dag te genieten
om goud en zilver bij elkaar te graaien
en te juichen en te snoeven
ziende de opgestapelde rijkdom schitteren.
Over zorg voor het land, over bestuur –
hij wist niet eens wat er om hem heen gebeurde.
De Cappadociërs zetten hem gauw af,
en hij kwam in Syrië terecht, om in het paleis
van Demetrios te feesten en zich te drukken.
En toch, op een dag onderbraken
ongebruikelijke overdenkingen
zijn grote nietsdoen.
Hij herinnerde zich dat hij door zijn moeder Antiochida
en door die oude Stratonike, ook afstamde
van de kroon van Syrië,
en zelf bijna een Seleukide was.
Even kwam hij uit de wellust en de roes
en onbekwaam en half beneveld
zocht hij iets te intrigeren
iets te doen, iets te verzinnen
en mislukte jammerlijk en werd geëlimineerd.
Zijn einde zal ergens opgeschreven zijn en verloren gegaan
of misschien ging de geschiedenis eraan voorbij
en vond terecht zoiets onbelangrijk,
het niet waard om op te tekenen.