08/07/2026
Ik zeg al jaren in mijn coaching dat het meest waardevolle dat je kunt leren gaat over leren over jezelf en jezelf beter leren kennen.
Of dat nou is door in samenwerking met een hond jezelf tegen te komen of doordat je leert over wat de meest recente kennis is over jezelf als soort.
Uiteindelijk gaat het er natuurlijk altijd over dat je de kennis leert toepassen in je dagelijks leven. Dat is iets waar we denk ik in onze maatschappij nog steeds te weinig oog voor hebben. We overbelasten het denken en besteden te weinig aandacht aan voelen en doen.
Een beetje kennis geef ik je hieronder over Hersenontwikkeling, het stresssysteem en hechting.
Als je wilt leren om je eigen stress beter te reguleren dan kan ik wellicht iets voor je betekenen met mijn 8 weken programma - Van stress naar Zeflregulatie -. Bij interesse hiervoor neem telefonisch contact op of stuur een bericht naar [email protected]
INFORMATIE OVER JE EIGEN MENS ZIJN ;-) :
Hersenontwikkeling, het stresssysteem en hechting.
1. Het kinderbrein is gebouwd om zich aan te passen.
Een belangrijk inzicht is dat een kinderbrein ontzettend plastisch is. Dat betekent dat het zich voortdurend aanpast aan de omgeving.
Eigenlijk stelt het brein steeds dezelfde vraag:
"In wat voor wereld leef ik, en waar moet ik mij op voorbereiden?"
Groeit een kind op in een veilige omgeving, dan leert het brein:
• mensen zijn meestal betrouwbaar;
• emoties mogen er zijn;
• ik hoef niet voortdurend alert te zijn;
• problemen zijn oplosbaar.
Groeit een kind op in een onveilige omgeving, dan leert hetzelfde brein:
• gevaar kan ieder moment ontstaan;
• ik moet voortdurend opletten;
• anderen zijn niet altijd veilig;
• mijn eigen behoeften zijn minder belangrijk.
Dat is geen "beschadigd" brein, maar een brein dat zich heeft aangepast aan de omstandigheden.
2. De stressrespons
Iedereen kent de vecht-vlucht-bevriesreactie.
Wanneer er gevaar is, activeert het lichaam het stresssysteem:
• adrenaline stijgt;
• de hartslag versnelt;
• spieren spannen zich aan;
• cortisol wordt afgegeven.
Bij een gezond stresssysteem gebeurt daarna ook iets belangrijks:
het systeem schakelt weer uit.
Bij kinderen met chronische onveiligheid gebeurt dat veel minder goed.
Hun lichaam leert als het ware:
"Ik kan beter altijd een beetje voorbereid zijn."
Onderzoekers noemen dit soms toxische stress: langdurige of herhaalde stress zonder voldoende steun van een veilige volwassene. Het gaat dus niet alleen om de stress zelf, maar ook om het ontbreken van hulp bij het herstellen ervan.
3. Drie hersengebieden
Er wordt vaak gesproken over drie belangrijke hersengebieden.
De amygdala
Dit is als het ware de alarmcentrale.
Hij scant voortdurend op gevaar.
Bij mensen met veel jeugdtrauma blijkt de amygdala vaak sneller alarm te slaan.
Daardoor kunnen neutrale situaties als bedreigend voelen.
Een boze blik.
Een stemverheffing.
Iemand die niet terugappt.
Het brein denkt dan:
"Pas op."
De hippocampus
Deze helpt herinneringen ordenen.
Hij plaatst gebeurtenissen in tijd en context.
Langdurige stress kan de werking van de hippocampus beïnvloeden.
Daardoor kunnen traumatische herinneringen zich anders gedragen:
• alsof ze steeds opnieuw gebeuren;
• alsof het verleden nog steeds het heden is.
De prefrontale cortex
Dit is het deel waarmee je:
• plant;
• nadenkt;
• impulsen remt;
• emoties reguleert;
• nuance ziet.
Onder stress wordt dit gebied minder actief.
Dat verklaart waarom iemand tijdens hevige spanning soms niet logisch kan nadenken.
4. Hechting
Hier wordt het misschien nog interessanter.
Een baby leert zijn emoties niet alleen te reguleren.
Hij leert ze samen met een verzorger te reguleren.
Een baby huilt.
Een ouder troost.
Het zenuwstelsel kalmeert.
Dat gebeurt honderden, duizenden keren.
Langzaam leert het kind:
"Als ik spanning voel, kan ik weer tot rust komen."
Dit heet co-regulatie.
Pas daarna ontwikkelt zich zelfregulatie.
Daarom zeggen veel moderne traumatherapeuten:
Zelfregulatie ontstaat uit co-regulatie.
5. Waarom verwaarlozing zo ingrijpend kan zijn
Veel mensen denken dat mishandeling erger is dan verwaarlozing.
Onderzoek laat juist zien dat emotionele verwaarlozing soms minstens zo schadelijk kan zijn.
Waarom?
Omdat het kind niet alleen leert:
"Er gebeuren nare dingen."
Maar:
"Er is niemand die mij helpt als er nare dingen gebeuren."
Dat beïnvloedt de ontwikkeling van vertrouwen, eigenwaarde en emotieregulatie.
6. Het lichaam onthoudt ook
Een beroemde uitspraak van Bessel van der Kolk is de titel van zijn boek: The Body Keeps the Score.
Daarmee bedoelt hij niet dat trauma letterlijk in spieren wordt opgeslagen.
Hij bedoelt dat ervaringen zich kunnen blijven uiten via het zenuwstelsel.
Bijvoorbeeld:
• voortdurend gespannen schouders;
• snel schrikken;
• slecht slapen;
• moeite hebben met ontspannen;
• lichamelijke klachten zonder duidelijke medische oorzaak.
Het lichaam kan als het ware blijven reageren alsof er nog steeds gevaar is.
7. Maar... het verhaal eindigt daar niet
Misschien wel het mooiste inzicht uit de huidige wetenschap is dat het brein ook later in het leven kan veranderen.
Nieuwe veilige relaties.
Therapie.
Leren emoties te herkennen.
Lichaamsgerichte oefeningen.
Mindfulness.
Goede slaap.
Beweging.
Al deze dingen kunnen bijdragen aan nieuwe verbindingen in het brein.
Dat betekent niet dat het verleden verdwijnt.
Wel dat het zenuwstelsel nieuwe ervaringen kan opdoen:
"Misschien is de wereld nu veiliger dan vroeger."
Dat is eigenlijk waar veel traumabehandeling op gericht is.
Een laatste gedachte
Iets wat mij persoonlijk aanspreekt aan dit onderzoeksgebied, is dat het ons uitnodigt om gedrag anders te bekijken. In plaats van alleen te vragen: "Waarom doet iemand zo?" kun je ook vragen: "Welke functie heeft dit gedrag ooit gehad?"
Iemand die altijd controle wil houden, voortdurend waakzaam is of moeite heeft anderen te vertrouwen, vertoont gedrag dat in een onveilige jeugd mogelijk heel adaptief was. Dat betekent niet dat het nu nog helpend is, maar wel dat het vaak begrijpelijk is vanuit de context waarin het is ontstaan.
Die verschuiving – van gedrag als "probleem" naar gedrag als een ooit zinvolle aanpassing – is een van de meest invloedrijke inzichten uit de moderne trauma- en ontwikkelingspsychologie. Het helpt niet alleen professionals, maar kan ook mensen zelf helpen om met meer begrip naar hun eigen geschiedenis te kijken, zonder moeilijke ervaringen te bagatelliseren of te veronderstellen dat die hun toekomst volledig bepalen.