13/07/2026
(VOOR)BEREID
In een droom voel ik met mijn voet in een Leidse vaart of het wel koud genoeg is. Ik zwem graag fris. Dan verheft zich iets uit het water. Instinctief trek ik mijn voet terug en wacht af. Eerst verschijnt de kop van een nijlpaard. Rustig zwemt hij naar de kant en klimt het water uit. Dan zie ik dat hij niet alleen is. Een hele kudde volgt. Kalm en vastberaden komen zij aan land. Ik vind het bijzonder, maar kijk er eigenlijk niet van op.
Er bestaat een kinderboek met de titel: Wat je moet doen als je over een nijlpaard struikelt? Het eerste advies: sorry zeggen. Daarna: met jezelf overleggen hoe je hem terug gaat laten struikelen.
De afgelopen tijd botste ik vooral tegen mijn eigen beren op de weg. Zij blokkeerden te pas en te onpas het pad. Ik struikelde er niet over; ik keerde om en ging thuis zitten pruilen over de tegenwerking. Van handelen richting de beer was geen sprake. Lijdzaam liet ik het steeds opnieuw gebeuren.
Totdat er langzamerhand iets veranderde.
Ik begon de beer, het pad en de pruiler voor lief te nemen. Langzaam drong het besef door dat het niet om overwinnen gaat, maar om accepteren. Iedereen mag in mijn innerlijke landschap verblijven. Ze horen er allemaal bij.
Ik stop met fiksen en met het zoeken naar ervaringen die de boel heel even verlichten.
Dit is mijn thuis.
Vanuit deze bedding kunnen ongekende krachten zich langzaam uit de diepte verheffen, naar de oppervlakte bewegen, zichtbaar worden en het land betreden.
Na een klankschalenbad open ik de deur naar de ruimte waar thee klaarstaat. Daar kijkt een grote kop van een nijlpaard mij zwijgend aan. Ik aai hem even. Ik glimlach.
De tijd begint te rijpen.
De nijlpaarden komen aan land.
Artist: unknown