Katrencia-coaching

Katrencia-coaching The more you like yourself, the less you are like anyone else, witch makes you unique!

08/03/2026
Draagkracht, schuldgevoel en het gevoel te falenWanneer draagkracht zakt, komt er zelden alleen vermoeidheid.Er sluipt i...
03/03/2026

Draagkracht, schuldgevoel en het gevoel te falen

Wanneer draagkracht zakt, komt er zelden alleen vermoeidheid.

Er sluipt iets anders binnen.
Schuldgevoel.

Alsof het niet alleen zwaar is — maar ook jouw fout.
Alsof je het beter zou moeten kunnen.
Meer geduld zou moeten hebben.
Meer energie. Meer zachtheid. Meer overzicht.

En daar begint het gevoel van falen.

Als mama.
Als vrouw.
Als partner.
En soms zelfs als collega.

Ik ken dat stuk ook.
De momenten waarop ik korter reageer dan ik wil.
Waarop ik minder aanwezig ben dan ik van mezelf verwacht.
Waarop ik ’s avonds denk: dit had ik anders moeten doen.

Het schuldgevoel kan hard zijn.
Omdat je zo graag goed wil doen. Omdat je kind extra nodig heeft. Omdat je partner ook aandacht verdient. Omdat je werk doorgaat.

Maar draagkracht en schuldgevoel hebben veel met elkaar te maken.

Wanneer je systeem langdurig overbelast is, daalt je emotieregulatie. Je prefrontale cortex — het deel van je brein dat helpt relativeren en overzicht houden — krijgt minder ruimte wanneer stresshormonen hoog blijven. Je reageert sneller vanuit spanning dan vanuit rust.

Dat is geen karakterfout.
Dat is neurobiologie.

Toch voelt het persoonlijk.

Je vergelijkt jezelf met moeders die het ogenschijnlijk beter doen.
Met vrouwen die energie uitstralen.
Met collega’s die scherp blijven en deadlines halen zonder zichtbare barsten.

En ondertussen denk je:
Waarom lukt het mij niet?

Maar wat je vaak niet meeneemt in die vergelijking, is de extra laag die jij draagt.
De voortdurende alertheid.
De extra gesprekken.
De zorgen die ’s nachts wakker maken.
De aanpassingen die niemand ziet.

Je faalt niet.
Je draagt veel.

Schuldgevoel ontstaat vaak wanneer je waarden botsen met je energie.
Je wíl liefdevol reageren.
Je wíl beschikbaar zijn.
Je wíl professioneel blijven.

Maar je lichaam zegt soms: ik ben op.

En in plaats van naar dat signaal te luisteren, leggen we er vaak een oordeel bovenop.

Ik moet mezelf daar ook in oefenen.
Milder kijken.
Herkennen wanneer mijn draagkracht laag is, vóór ik mezelf begin af te breken.

Want het gevoel te falen komt zelden voort uit onwil.
Het komt voort uit uitputting.

En uit liefde.
Heel veel liefde.

Misschien is dat wat we vaker mogen benoemen:
Dat schuldgevoel vaak een teken is van betrokkenheid.
Van willen.
Van geven.

Maar betrokkenheid zonder herstel put uit.

Je bent niet minder mama wanneer je moe bent.
Niet minder vrouw wanneer je minder straalt.
Niet minder partner wanneer je minder ruimte hebt.
Niet minder collega wanneer je grenzen moet aangeven.

Je bent een mens met grenzen.
En grenzen erkennen is geen falen.

Het is verantwoordelijkheid nemen voor je draagkracht.

En misschien begint mildheid precies daar.

DraagkrachtDraagkracht is de ruimte die je vanbinnen hebt om te dragen wat het leven van je vraagt.Die ruimte is niet va...
10/02/2026

Draagkracht

Draagkracht is de ruimte die je vanbinnen hebt om te dragen wat het leven van je vraagt.
Die ruimte is niet vast. Ze beweegt mee met slaap, stress, steun, zorgen, hoop en teleurstelling.
Bij ouders van neurodiverse kinderen staat die draagkracht vaak al vroeg onder druk.

Ik weet hoe dat voelt.
Ook ik leef met die voortdurende afstemming, dat altijd nét iets verder kijken, vooruitdenken, bijsturen. Het vraagt zoveel meer dan van buitenaf zichtbaar is. En meestal ga je gewoon door. Omdat het moet. Omdat je kind je nodig heeft.

Draagkracht zakt niet omdat je zwak bent.
Ze zakt omdat je te lang sterk bent geweest.

Wanneer mijn draagkracht wegzakt, merk ik het niet altijd meteen. Soms denk ik nog dat het wel gaat. Dat ik gewoon even moe ben. Tot ik sneller geïrriteerd raak, minder kan hebben, of voel dat alles ineens te veel is. Alsof mijn rek plots op is, zonder waarschuwing.

En dat gebeurt niet zomaar.

Bij ouders van neurodiverse kinderen stapelen dingen zich op:
• chronische zorgen
• voortdurende alertheid
• onbegrip van de buitenwereld
• het steeds opnieuw moeten uitleggen of verdedigen
• weinig echte rustmomenten
• en vaak: jezelf op de laatste plaats zetten

Ook bij mij sluipt dat erin. Zonder dat ik het doorheb. Ik denk dat ik bewust bezig ben, maar glijd toch langzaam verder over mijn eigen grens. Niet uit onwil, maar omdat zorgen dragen soms stiller gaat dan je denkt.

Lichamelijk gebeurt er dan ook veel.

Je zenuwstelsel staat te vaak in overlevingsstand. Je lichaam maakt langdurig stresshormonen aan, zoals cortisol en adrenaline. Dat is helpend bij kortdurende stress, maar uitputtend wanneer het te lang aanhoudt. Je ademhaling wordt oppervlakkiger, je spieren blijven aangespannen, je hoofd blijft aan. Rust komt niet meer vanzelf.

Ik merk dat mijn lichaam me dan signalen geeft. Vermoeidheid die niet verdwijnt. Spanning die blijft hangen. Minder ruimte in mijn hoofd en in mijn lijf. Soms glijd ik verder weg dan ik van plan was, en besef ik pas achteraf: dit was te veel.

Dat is geen falen.
Dat is een lichaam dat spreekt.

Draagkracht vraagt bewustzijn. Elke dag opnieuw. En zelfs dan glijd je soms uit. Ook ik. Dat hoort erbij wanneer je langdurig zorgt, draagt en beschikbaar bent.

Herstellen van draagkracht gaat niet over nóg beter je best doen.
Het gaat over vertragen, begrenzen, steun toelaten en leren luisteren naar signalen vóórdat ze schreeuwen.

Want jij bent geen onuitputtelijke bron.
Ik ook niet.
We zijn mensen die liefhebben, dragen en soms te lang doorgaan.

En precies daarin mogen we zachter worden voor onszelf

Ik merk al een tijd dat de naam auticoach niet meer bij mij past.Mijn werk is gegroeid, verdiept en verbreed.Ik ben coac...
29/01/2026

Ik merk al een tijd dat de naam auticoach niet meer bij mij past.
Mijn werk is gegroeid, verdiept en verbreed.

Ik ben coach bij emotionele groei en gezinsrust en begeleid kinderen die vastlopen in faalangst, onzekerheid en het omgaan met hun emoties.
Vaak zijn het kinderen die veel voelen, snel overspoeld raken en hard zijn voor zichzelf.

Mijn begeleiding stopt niet bij het kind.
Een kind groeit op binnen een gezin, en wat er thuis gebeurt, heeft een grote invloed op hoe een kind zich voelt en ontwikkelt.

Daarom werk ik ook met ouders.
Naast sessies met het kind, kunnen er oudergesprekken plaatsvinden waarin we samen kijken hoe er op gezinsniveau verandering kan ontstaan. Niet door alles perfect te moeten doen, maar door kleine, haalbare verschuivingen in communicatie, verwachtingen en het omgaan met emoties.

Ik werk zonder labels centraal te zetten.
Mijn aanpak is rustig, verbindend en afgestemd op het unieke kind en gezin. Er is ruimte voor emoties, vragen en zoeken — bij het kind én bij de ouders.

Mijn doel is om gezinnen te ondersteunen in het vinden van meer rust:
rust in het hoofd van het kind,
rust in het gezin,
en van daaruit meer vertrouwen en verbinding.

🤍 Voel je herkenning?
Dan kijk ik graag samen met jullie wat helpend kan zijn.

Inclusie op papier, strijd in het echtIk ben het traject intussen gewoon.Niet omdat het makkelijker wordt, maar omdat je...
27/01/2026

Inclusie op papier, strijd in het echt

Ik ben het traject intussen gewoon.
Niet omdat het makkelijker wordt, maar omdat je geen keuze hebt.

Een aanvraag.
Een weigering.
Feedback.
En dan: opnieuw beginnen.

Opnieuw formulieren invullen. Opnieuw verslagen verzamelen. Opnieuw begeleidende brieven schrijven, in de hoop dat er deze keer iets dieper gekeken wordt. Dat iemand verder leest dan de lijnen. Dat er niet alleen beoordeeld wordt wat er staat, maar geprobeerd wordt te begrijpen wat het betekent.

Wat het zo uitputtend maakt, is de spagaat waarin we telkens opnieuw terechtkomen. Voor de ene instantie is mijn dochter “niet beperkt genoeg”. Voor de andere is ze “te complex”. Ze past niet netjes in één vakje, en dus lijkt ze overal net buiten te vallen. Niet ernstig genoeg om ondersteuning te krijgen, maar wel te ingewikkeld om binnen bestaande structuren te functioneren.

En alles wordt beoordeeld op papier.

Papier ziet geen vermoeid kind op vrijdagavond.
Papier ziet geen agenda die al maanden overvol zit.
Papier ziet geen ouders die voortdurend moeten afwegen wat nog kan en wat niet meer haalbaar is.

Papier ziet losse puzzelstukjes.
Maar een leven is geen puzzel met duidelijke randjes.

Wat mij misschien nog het meest raakt, is hoe inclusie hierin meespeelt. Of beter: hoe ze tegen ons gebruikt wordt.

Op nationaal niveau wordt inclusie voortdurend benadrukt. Inclusieve scholen. Inclusieve vrije tijd. Inclusieve samenleving. Wij doen dat. Elke dag opnieuw. Onze dochter zit op een warme, inclusieve school waar ze zich goed voelt en ondersteund wordt. Ze heeft een hobby waar ze welkom is, ook al kan ze motorisch niet volgen. Ze mag erbij horen. Ze mag blijven.

Maar vreemd genoeg lijken net die keuzes haar parten te spelen. Alsof inclusie alleen mag zolang ze niets vraagt. Alsof meedoen automatisch betekent dat het “dus wel meevalt”. Alsof plezier en erbij horen niet kunnen samengaan met een ernstige beperking.

Het voelt soms alsof we afgestraft worden omdat we alles op alles zetten om haar een plek te geven in de wereld. Alsof we beter zouden moeten falen om geholpen te worden.

En ondertussen blijven wij schrijven. Brieven waarin we balanceren tussen uitleggen en verdedigen. Tussen niet overdrijven, maar ook niet minimaliseren. Tussen hoop en vermoeidheid. Elke keer opnieuw met dezelfde vraag in ons achterhoofd: zullen ze het deze keer echt zien?

Een budget aanvragen gaat niet over luxe. Het gaat niet over extra’s. Het gaat over draagkracht. Over zorg die vol te houden moet zijn. Over ondersteuning die er mag zijn vóór alles vastloopt, vóór gezinnen breken onder de combinatie van zorg, administratie, werk en eindeloos wachten.

Ik schrijf dit niet om medelijden te vragen.
Ik schrijf dit omdat dit onze realiteit is.
En omdat ik weet dat we hier niet alleen in staan.

Een open vraag aan beleidsmakers

Hoe kan het dat inclusie zo sterk wordt gepromoot op beleidsniveau, maar dat gezinnen die hier bewust voor kiezen in de praktijk het gevoel krijgen dat dit tegen hen werkt? Hoe kan een kind tegelijk “niet beperkt genoeg” zijn en “te complex” om ondersteund te worden?

Hoe kan men levens blijven beoordelen op papier, zonder écht zicht te hebben op draagkracht, vermoeidheid en de dagelijkse keuzes die gezinnen moeten maken? En durven we ons af te vragen of ondersteuning niet net bedoeld is om te voorkomen dat alles eerst moet mislopen?

Misschien is dat wel de kern van de vraag:
kunnen we zorg en ondersteuning toekennen op basis van realiteit, in plaats van pas wanneer de grenzen al lang overschreden zijn?

Ik hoop dat deze woorden gelezen worden als wat ze zijn: geen aanval, maar een uitnodiging. Om dieper te kijken. Menselijker te beoordelen. En inclusie ook in de praktijk te laten betekenen wat ze zo vaak belooft.

Deel dit bericht.
Niet omdat ons verhaal uniek is, maar net omdat het dat niet is.
Misschien helpt het om eindelijk gezien te worden — niet op papier, maar als mens.

Er start een nieuwe reeks!
21/01/2026

Er start een nieuwe reeks!

Resonans vzw biedt ondersteuning aan personen met (vermoeden van) een beperking en hun omgeving. Onze diensten spelen op een laagdrempelige en professionele manier in op individuele zorgvragen.

Levend verlies – rouwen terwijl je kind leeftEr is een rouw waar je niet op voorbereid bent.Geen afscheid.Geen einde.Toe...
03/01/2026

Levend verlies – rouwen terwijl je kind leeft

Er is een rouw waar je niet op voorbereid bent.
Geen afscheid.
Geen einde.

Toen mijn kind de diagnose kreeg, dacht ik eerst: oké, nu weten we wat er aan de hand is. Dat gaf rust. Houvast. Maar tegelijk begon er iets anders te bewegen. Stil. Moeilijk te benoemen. Een verdriet waarvan ik lang dacht dat het er niet mocht zijn.

Want hoe rouw je…
terwijl je kind leeft?
terwijl je zoveel liefde voelt?

Ik rouwde om beelden die ik ooit had.
Om verwachtingen.
Om een toekomst die ik vanzelfsprekend had gevonden.

Pas later leerde ik de term “levend verlies” kennen. En toen viel er veel op zijn plaats. Dit verdriet kwam niet één keer. Het kwam terug. Telkens opnieuw. In elke nieuwe fase.

Bij de start van de kleuterschool.
Bij een schooloverleg waar duidelijk wordt dat dingen anders lopen.
Wanneer je ziet dat het bij broers of zussen vanzelfsprekender gaat.
Wanneer een broer of zus zonder nadenken een vriendje meebrengt, terwijl jij alweer moet plannen, uitleggen, voorbereiden.

En ja, je bent blij voor dat andere kind. Oprecht.
Maar tegelijk voel je het weer even:
dit pad is anders.

Ook bij verjaardagen kan het opkomen.
Bij feestjes die te druk zijn.
Bij cadeautjes die anders worden beleefd.
Bij opmerkingen van anderen die het goed bedoelen, maar het net niet begrijpen.

En elke keer ga je er opnieuw door.
Niet helemaal van nul.
Maar wel opnieuw langs stukken van rouw:
ontkenning, verdriet, boosheid, aanvaarding…
in een andere volgorde, in een andere vorm.

Levend verlies is geen rechte lijn.
Het is een beweging.
Vooruit, achteruit, soms even stilstaan.

En dan hoor je:
“Maar het gaat toch goed?”
“Je kind doet het toch prima?”

Ja.
En toch kan het pijn doen.

Rouwen om wat er niet is, betekent niet dat je niet ziet wat er wél is. Het betekent dat je telkens opnieuw moet loslaten. Telkens opnieuw moet bijstellen. Telkens opnieuw je hart een beetje herschikken.

Als mama én coach zie ik dit bij zoveel ouders. Dat stille verdriet dat nauwelijks ruimte krijgt. Omdat je dankbaar zou moeten zijn. Omdat je sterk bent. Omdat je “het toch zo goed doet”.

Maar dit verdriet vraagt geen oplossing.
Het vraagt erkenning.

Ik rouw om wat er niet zal zijn.
En ik hou intens van wat er wél is.

Die twee mogen naast elkaar bestaan.

🤍 Als dit bij jou raakt: je bent niet alleen. En je hoeft dit niet weg te duwen om een goede ouder te zijn.

Waarom nabijheid ’s nachts geen luxe is maar een basisbehoefteEen visie op slapen, hechting en regulatie bij jonge kinde...
29/11/2025

Waarom nabijheid ’s nachts geen luxe is maar een basisbehoefte

Een visie op slapen, hechting en regulatie bij jonge kinderen

Regelmatig verschijnen er artikels of berichten als: “Mijn baby slaapt vanaf dag één alleen in zijn kamer.” Het is uiteraard ieders eigen keuze hoe ze ouderschap invullen. Maar in de praktijk zie ik steeds vaker kinderen met slaapproblemen, angst, onrust en een verminderde stressregulatie.
Wanneer je kijkt naar onze menselijke biologie én naar de wetenschap rond hechting en regulatie, zien we dat het nachtelijk alleen slapen voor veel jonge kinderen niet overeenkomt met wat hun lichaam en brein nog nodig hebben.

Dit artikel schetst een wetenschappelijk onderbouwde visie waarin nabijheid, veiligheid en co-regulatie cruciaal zijn voor gezonde ontwikkeling.

1. Onze natuur vertelt iets anders dan onze moderne gewoontes

In de oertijd sliepen mensen in groepen. Dit had heel logische redenen:
• Veiligheid: dicht bij anderen zijn verhoogt overlevingskansen.
• Warmte en bescherming: nabijheid hielp om te reguleren en te kalmeren.
• Sociale hechting: samen slapen versterkte verbinding binnen de groep.

Hoewel onze leefomstandigheden veranderd zijn, is ons brein dat nauwelijks. De menselijke baby is extreem afhankelijk en heeft een lange periode nodig om te rijpen. Neurowetenschappers noemen menselijke baby’s zelfs “exteroskeletale foetussen”: ze worden geboren met een nog zeer onvolgroeid zenuwstelsel dat enkel in nabijheid van een volwassene goed kan functioneren.

2. Hechting is even belangrijk als voeding en drinken

Hechting is niet iets zachts of “emotioneels”: het is een biologisch noodsysteem dat het overleven van de baby garandeert.

Wat zegt de wetenschap?
• De hechtingstheorie (Bowlby, Ainsworth) toont dat nabijheid en responsiviteit essentieel zijn voor een veilige hechting.
• Baby’s zijn neurobiologisch afhankelijk van co-regulatie: ze kunnen hun stresssysteem niet zelfstandig kalmeren.
• Studies tonen dat langdurige stress of gebrek aan responsiviteit (bijv. “cry it out”) leidt tot hoge cortisolwaarden, wat een effect kan hebben op slaap, emotionele ontwikkeling en stressgevoeligheid.
• In extreme gevallen, wanneer babies geen veilige hechting ontwikkelen (zoals aangetoond in historische weeshuizenstudies), daalt zelfs de overlevingskans.

Hechting is dus geen moederlijke zachtheid, maar een biologische levenslijn.

3. Dieren komen sneller los van hun ouders – mensen niet

We vergelijken onszelf vaak met dieren, maar vergeten één cruciaal verschil:
De mens heeft een van de langste afhankelijkheidsperioden in het dierenrijk.

Een veulen staat recht binnen een uur.
Een kitten loopt na enkele weken zelf rond.
Maar een mensenbaby heeft jaren nodig:
• Het kan zichzelf niet reguleren.
• Het kan niet afzonderlijk slapen zonder stress.
• Het zoekt nabijheid om zichzelf veilig te voelen.

Nabijheid is dus geen gewoonte, maar een natuurlijke noodzaak.

4. De historische invloed van cultuur en religie op slapen

Door de eeuwen heen zijn ideeën over slapen sterk beïnvloed door cultuur – niet door biologie.
Met name binnen de christelijke en katholieke traditie ontstond het idee dat:
• een kind “apart” moet slapen,
• huilen geen kwaad kan,
• nabijheid tot “verwennen” zou leiden.

Deze overtuigingen staan haaks op wat onze biologie nodig heeft.
In veel andere culturen en landen is co-sleeping of room-sharing nog steeds de norm, en worden minder slaapproblemen gerapporteerd.

Onze huidige verwachtingen – “slapen in een aparte kamer, doorslapen, zelf troosten” – zijn eerder cultureel dan natuurlijk.

5. Wat als een kind slaapproblemen heeft? Kijk naar wat het nodig heeft.

Slaapproblemen zijn zelden “ongehoorzaamheid”.
Ze zijn een signaal van een immatuur zenuwstelsel dat nabijheid nodig heeft.

Kinderen hebben nood aan:
• Regulatie: iemand die helpt het stressniveau te verlagen.
• Veiligheid: het gevoel dat er iemand in de buurt is.
• Geborgenheid: een warme, voorspelbare omgeving.

Deze factoren zijn rechtstreeks gelinkt aan:
• betere slaapkwaliteit
• veiliger hechting
• minder angst op latere leeftijd
• evenwichtigere emotionele ontwikkeling

6. Wat absoluut níét helpt: beloningssystemen

Beloningssystemen voor slapen (stickers, punten, cadeautjes) zijn gebaseerd op gedragstraining.
Ze gaan voorbij aan de vraag waarom een kind niet goed slaapt.

En vooral:
Je vraagt dan van een kind om zichzelf te reguleren, terwijl dat neurobiologisch nog niet mogelijk is.

Je vraagt eigenlijk: “Zoek jouw veiligheid zelf maar.”

Dat is niet ontwikkelingsgeschikt, zeker niet bij jonge kinderen.

7. De kernboodschap

Een kind dat slecht slaapt is geen koppig kind.

Het is een kind dat nog regulatie, nabijheid en veiligheid nodig heeft.

Wanneer ouders durven terugkeren naar de basis – slapen nabij het kind, reageren op huilen, helpen met kalmeren – verbetert de slaap vaak vanzelf.

Niet omdat we “toegeven”,
maar omdat we aansluiten bij de biologische behoeften van het kind.

Ik zette mezelf uit de watsapp groep van de klas!Vandaag was het oudercontact.En het raakte me meer dan ik dacht.Mijn zo...
13/11/2025

Ik zette mezelf uit de watsapp groep van de klas!

Vandaag was het oudercontact.
En het raakte me meer dan ik dacht.

Mijn zoon heeft autisme en ADHD.
In de klas doet hij het goed. Hij doet zo zijn best, elke dag opnieuw.
Maar op de speelplaats loopt het vaak mis. Soms is hij in de fout, soms zijn het andere kinderen die precies weten hoe ze hem kunnen uitdagen.

Ik deelde mijn bezorgdheid met de juf en de ondersteuner.
Want ik zie hoe zijn zelfbeeld hieronder lijdt.
Hij voelt zich altijd schuldig, ook als het niet alleen aan hem ligt.
Hij zei laatst: “Mama, ik ben een kind van de duivel.”
En dat brak iets in mij.
Wie hem kent, weet dat hij allesbehalve dat is. Hij is zacht, liefdevol, knuffelbaar, met een hart dat groot genoeg is voor iedereen.

De juf zei dat zijn vrienden hem aanvaarden zoals hij is, dat ze hem verdedigen. Dat doet me deugd.
Maar tegelijk hoorde ik dat sommige ouders regelmatig bij haar komen klagen over hem.
Niet rechtstreeks, niet in de groep, maar achter onze rug.
Zonder te weten wat er echt gebeurt, zonder te kijken naar het aandeel van hun eigen kind.
Terwijl ik wél erkende dat hij het soms moeilijk heeft, dat hij fouten maakt, dat we eraan werken.

Dat voelde oneerlijk.
En pijnlijk.

Dus heb ik beslist om mezelf uit de WhatsApp-groep van de klas te zetten.
Niet omdat daar iets gezegd werd, maar omdat ik niet meer wil doen alsof alles gewoon is terwijl er achter onze rug oordelen gedeeld worden.
Ik wil mijn energie niet steken in roddels of vingerwijzen.
Ik wil mijn energie steken in hem.

Ik blijf als mama betrokken, ik blijf in contact met de juf en de school.
En ik zorg zelf wel voor een mooi gebaar op het einde van het schooljaar.

Maar nu kies ik voor afstand.
Voor eerlijkheid.
Voor zachtheid.
Voor hem.
En voor mezelf

Slot – Moe gestredenIk ben moe gestreden.Lam geslagen.Ik weet niet meer hoe ik nog recht kan blijven staan en blijven ve...
23/10/2025

Slot – Moe gestreden

Ik ben moe gestreden.
Lam geslagen.
Ik weet niet meer hoe ik nog recht kan blijven staan en blijven vechten.

Elke brief, elk telefoontje, elk gesprek met instanties vraagt energie die ik niet meer heb.
Telkens opnieuw moet ik uitleggen waarom mijn dochter wél hulp nodig heeft.
En telkens opnieuw loop ik tegen muren van regels, voorwaarden en hokjes aan.

Ze is nu ook geweigerd voor een PAB-budget, maar tegelijk “te complex” voor ondersteuning in de kleuterklas.
Te complex om geholpen te worden,
maar niet “handicapt genoeg” om hulp te krijgen.

Ik wil niet sterk moeten zijn.
Ik wíl gewoon mama kunnen zijn.
Mama van een meisje dat gezien wordt, gesteund wordt,
en niet telkens als “te complex” of “niet genoeg” wordt bestempeld.

Soms voelt het alsof ik vecht tegen een systeem dat niet gebouwd is op mensen, maar op papieren.
En ik ben bang dat Milli, ondanks al haar kracht, ooit leert geloven dat ze minder waard is omdat ze niet past in wat het systeem begrijpt.

Ik wil dat niet laten gebeuren.
Maar vandaag… ben ik gewoon moe gestreden.

Om 10u geef ik een workshop over ademhaling voor kinderen en maken we een adem armbandje.Om 15u denk ik aan de mama’s en...
29/09/2025

Om 10u geef ik een workshop over ademhaling voor kinderen en maken we een adem armbandje.

Om 15u denk ik aan de mama’s en geef ik voor hun een workshop.

✨ Workshop Welzijn & Autisme – meer rust en balans voor mama’s ✨

Omschrijving:
Deze workshop is ontwikkeld om jou als mama – met autisme of met een kind met autisme – te ondersteunen in je dagelijkse leven. Tijdens de workshop sta je stil bij je energie, ontdek je wat je batterij oplaadt of leegmaakt en maak je een klein, haalbaar plan dat écht verschil kan maken. Daarnaast leer je een eenvoudige ademhalingsoefening om snel meer rust en balans te ervaren, ook op drukke momenten

Adres

Zemstsesteenweg 20
Hofstade
1981

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Katrencia-coaching nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Contact De Scholen

Stuur een bericht naar Katrencia-coaching:

Snelkoppelingen

Delen