29/06/2021
Deze tekst is voor alle mensen die betrokken zijn op jonge mensenlevens, kortom: deze tekst gaat over uw leerlingen en u als leerkracht, opvoeder, leerlingbegeleider en directie.
Het is weer zover, einde schooljaar. Je bent moe, uitgeput, leeg, ik noem het ‘kapot’! Als buitenstaander lijkt dit waarschijnlijk overdreven, toch kan ik zeggen dat het effectief wel zo aanvoelt. Een jaar het beste van jezelf geven, als mens – als leerkracht, je levenservaringen delen, hoe je als individu naar het leven kijkt, welke waarden jij belangrijk vindt en deze dan graag overdragen aan je leerlingen. Maar ook het tegenovergestelde: luisteren naar wat jouw leerlingen belangrijk vinden, waar zij voor staan, waar zij belang aan hechten én telkens opnieuw beseffen hoe waardevol je leerlingen voor je zijn. Hoe ze jouw kijk veranderen, bepalen, hoe ze je blik scherp houden op de wereld. En vanuit de verschillen op zoek gaan naar gelijkenissen, ook al zit er soms een generatiekloof tussen. Bij misverstanden en heftige discussies tot een dialoog komen. Maar vooral: je leerling vergeven én opnieuw met een schone lei beginnen. Elke keer opnieuw je leerling kansen geven. Erkennen dat fouten maken bij het leerproces hoort. Erkennen dat ook jij fouten maakt. Erkennen dat ook jij maar een mens bent.
Gedurende tien maanden ben je alert, zijn je ogen gericht op al die zoekende ogen. Het ene jaar bestaat je leerlingenaantal in totaal uit 120 leerlingen, het andere jaar zijn het er 90, afhankelijk van de klasgrootte, afhankelijk van je urenpakket. Je ziet ze elke ochtend staan. Bij het betreden van de speelplaats zie je al dat er iets ‘hangende’ is in de klasgroep of dat X er zenuwachtig bij staat en dat Y opnieuw afwezig is. Je aandacht is groot, je observatiescherpte minutieus afgesteld. Je moet wel wil je je taak ernstig vervullen. Je begroet vriendelijk je leerlingen en bepaalt onmiddellijk, op een kordate manier, de toon: gsm’s in de boekentas, petten af, kauwgom in de vuilbak, muziek uit, je laat elkaar gerust. Je vraagt het rustig en beleefd, je spreekt je wens uit zonder ondertoon. Je vraagt een nette rij, ongeacht de leeftijd. Discipline en respect zijn bij deze onmiddellijk duidelijk. Je geeft het signaal dat de leerlingen mogen vertrekken naar het klaslokaal, je loopt achteraan en je kijkt, kijkt én kijkt. Veel zaken vallen je meteen op. Er vormen zich groepjes onderweg, één leerling loopt gebogen alleen, een andere leerling slentert traag achteraan de groep … Voor jou, lezer, klinkt het waarschijnlijk gek, maar een betrokken leerkracht ziet dit alles, want jij als leerkracht bepaalt mee de klassfeer. Jij kan immers de klassfeer een goede, positieve richting uitsturen. ‘Goeiemorgen, lieve leerlingen, hoe gaat het met jullie?’. Daarmee begin ik élke les bij elke klasgroep. Sommigen reageren, anderen niet én je voelt meteen of de klassfeer goed zit. Wanneer een leerling met allerlei zorgen in zijn/haar hoofd zit is een leerling niet klaar om te luisteren of leerstof in zich op te nemen, want die bekommernissen eisen teveel plaats op in het hoofd. Daarom dat ik altijd tijd neem om hier aandacht aan te geven of nadien, tijdens de speeltijd, de leerling apart neem en luister naar wat er op dat moment leeft. Soms moet een leerling doorverwezen worden naar de leerlingbegeleider of schakel ik de klastitularis of pedagogisch directeur in wanneer ‘het feit’ waarmee de leerling rondloopt te groot is.
Nadat ik de leerlingen hun verdiende aandacht gaf gaan we aan de slag. Soms verloopt het lesgebeuren perfect, zo’n les waarvan elke leerkracht droomt, soms gaat het belsignaal en denk je bij jezelf: ‘Wat was dit voor een heftige les waarbij alles misliep dat maar kon mislopen!’
Elke les is anders. Elke klasgroep, groepsdynamiek is anders. En ook jij, leerkracht, voelt je de ene dag al wat beter dan de andere, afhankelijk van heel veel privé- en randfactoren.
Elke dag is erin vliegen, ervoor gaan, met vallen en opstaan. Elke vakantie komt op het juiste moment, nooit te vroeg. Elk overleg met je collega’s of directie, waarin je je erkend en begrepen voelt, zijn een opluchting, een bevestiging dat je toch goed bezig bent. Want je twijfelt soms: waarom heeft je parallelcollega nooit klasdiscussies of is zij nooit ziek terwijl jij het afgelopen schooljaar er bijna onderdoor zat? Waarom kan zij wél die klasgroep aan en is het voor mij telkens opnieuw zoeken? Waarom begrijp jij niks van die nieuwe leerplannen? Maar je slaagt erin om vol te houden, door te bijten, je geeft niet op en blijft geloven dat je het verschil kan maken ook al heb je soms het gevoel dat het eerder de ver-van-mijn-bed-show is.
Het is weer zover. Het einde van het schooljaar nadert. Je zucht en kucht, moe maar voldaan. Tevreden, diep gelukkig en intens blij, want na een veel te lang durend oudercontact werd je geprezen om je geduld, vakkennis, ervaring, levenswijsheid, authenticiteit maar bovenal voor de liefde voor je leerlingen. En je beseft het opnieuw: dit is de job van mijn leven, dit is waar ik het voor doe.
Het is weer zover: tijd om los te laten, dankbaar om zoveel nieuwe ervaringen, tijd om te genieten van een welverdiende vakantie!
Lieve collega’s, GENIET met volle teugen, het is je gegund en welverdiend (het is van iemand met 15 jaar onderwijservaring op haar teller, dus ik kan het weten 😉 )!